Moet je als heemkundige kring rekening houden met auteursrechten?

Je organiseert een tentoonstelling, publiceert een historisch werk of zet misschien wel een eigen beeldbank op? Of je wil de website van je vereniging opfleuren met enkele leuke foto’s die je op het Internet vond? Zowat alle heemkundige kringen worden bij hun activiteiten geregeld geconfronteerd met vragen over het auteursrecht. Vaak is het voor heemkringen niet helemaal duidelijk hoe ze op een goede manier kunnen omgaan met kwesties van ‘copyright’. We gaan wat dieper in op de mogelijkheden en beperkingen van het auteursrecht voor heemkringen, met bijzondere aandacht voor het gebruik van foto’s en ander illustratiemateriaal.
Het auteursrecht vormt eigenlijk een tak van de intellectuele eigendom. Het beschermt de auteurs van creatieve werken van allerlei aard. De auteursrechten voor muziek, films, foto’s, tekeningen, boeken… worden in België geregeld door de wet van 30 juni 1994 betreffende het auteursrecht en de naburige rechten. We komen allemaal in aanraking met deze regelgeving, zelfs in ons dagelijks leven, bijvoorbeeld wanneer we naar de radio luisteren, televisie kijken, surfen op internet, de krant lezen, naar de bioscoop gaan, een artikel uit een tijdschrift kopiëren of onze favoriete CD kopiëren…

Twee tendensen die elkaar beïnvloeden, en die de overheden ertoe dwingen de evolutie van de reglementering op dit gebied van nabij te volgen, moeten daarbij onderstreept worden. Enerzijds kent de technologie met betrekking tot de ontwikkeling en uitbating van werken een snelle evolutie. De ontwikkeling van het internet en van nieuwe dragers zoals CD’s en DVD’s, zijn slechts enkele voorbeelden. Anderzijds is de Europese Unie sinds het begin van de jaren negentig begonnen met een progressieve harmonisatie van de wetgeving van de lidstaten, teneinde een eenheidsmarkt te creëren van beschermde werken en prestaties.
Elk werk dat oorspronkelijk is en in een bepaalde vorm is gegoten, wordt beschermd door het auteursrecht. Maar wat betekenen de begrippen werk, oorspronkelijkheid en vorm? Het begrip ‘werk’ wordt heel ruim opgevat en behelst onder meer – ongeacht het formaat of de informatiedrager – teksten, foto’s, beelden, muziek, videofilms of audiovisuele werken in het algemeen en computerprogramma’s. ‘Oorspronkelijk zijn’ betekent dat het werk de stempel moet dragen van de persoonlijkheid van de auteur. Ten slotte moet het werk ook gestalte hebben gekregen in een bijzondere vorm die door de zintuigen kan worden waargenomen. Deze voorwaarde houdt ook in dat het auteursrecht geen bescherming biedt aan ideeën, noch aan methodes of stijlen, ook al zijn die oorspronkelijk. Bij het creëren van een website kun je je bijvoorbeeld inspireren door de stijl van andere websites, op voorwaarde dat je geen enkel oorspronkelijk formeel element kopieert.
De oorspronkelijkheid van een werk en de vormelijkheid ervan zijn de enige criteria opdat een werk door het auteursrecht beschermd wordt. De aanwezigheid van een copyrightvermelding (©) op bijvoorbeeld een website heeft dus, buiten een informatieve, geen enkele waarde. Toch kan ze in feite nuttig zijn omdat, als ze op een duidelijk zichtbare plaats op het auteurswerk is aangebracht, het bewijs vergemakkelijkt van de kwade trouw van de namaker.

Vrijwel alle foto’s en afbeeldingen die op het Internet beschikbaar zijn, zijn auteursrechtelijk beschermd. Enkel bij een expliciete vermelding kun je ervan uit gaan dat de auteur afstand heeft gedaan van zijn auteursrecht. Als een werk beschermd is, mag het niet worden gebruikt zonder toestemming van de maker. Dit betekent dat het niet gekopieerd en verspreid mag worden, maar ook dat het niet op een website geplaatst mag worden, zelfs niet voor niet-commercieel gebruik of wanneer de naam van de auteur wordt vermeld. Hoewel geschillen rond het auteursrecht in het merendeel van de gevallen in der minne geregeld kunnen worden, moet je er rekening mee houden dat inbreuken op de auteurswet aanleiding kunnen geven tot een strafrechtelijke en/of een burgerlijke procedure.

Zowel op de foto zelf als op het onderwerp dat in de foto wordt afgebeeld, kan auteursrecht rusten. Laten we even twee gevallen van deze laatste mogelijkheid van naderbij bekijken: menselijke scheppingen en personen.
Het onderwerp van een foto kan een ‘menselijke schepping’ zijn. Iedereen kent wel het voorbeeld van het Atomium in Brussel: de erfgenamen van de maker ervan verzetten zich al jaren tegen de reproductie van foto’s van het monument. Enkel voor het afgelopen herdenkingsjaar werden de regels ietwat versoepeld. Een dergelijke houding roept vaak wat weerstand op. Het is echter niet omdat een voorwerp van beeldende kunst op een openbare plaats staat dat het daarom zijn kwalificatie als auteursrechtelijk beschermd voorwerp verliest. Indien het voorwerp een originele creatie is, wordt het auteursrechtelijk beschermd en mag het in principe niet worden gereproduceerd of aan het publiek meegedeeld. Indien een werk eerder toevallig op een foto te zien is, kan de auteur zich niet tegen de reproductie ervan verzetten, maar dit is vaak een kwestie van interpretatie.
Ook het gebruik van een portret van een persoon mag niet zomaar: hiervoor geldt het portretrecht. Van zodra iemand herkenbaar op een foto staat, is deze foto te beschouwen als een portret. Natuurlijke personen hebben dus het recht zich ertegen te verzetten dat hun portretten zonder toestemming worden afgebeeld. De persoon kan toestemming geven tot het nemen van foto’s van zijn beeltenis, maar ook dit houdt nog geen toestemming in tot het publiceren of anderszins verspreiden ervan. Volgens de rechtspraak mag men wel anoniem op openbare plaatsen genomen foto’s publiceren. Voor ‘publieke personen’ kan dan weer een stilzwijgende toestemming tot het verspreiden van foto’s vermoed worden voor afbeeldingen die kaderen in hun openbaar leven. Bijkomend bepaalt de auteurswet dat het recht op afbeelding tot 20 jaar na het overlijden van die persoon blijft bestaan ten voordele van zijn rechthebbenden. Toestemming van de erfgenamen is in dat geval dus nodig.

Uiteraard zijn er een aantal uitzonderingen op de algemene regels van het auteursrecht, waarbij de toestemming van de auteur niet noodzakelijk is. Zo is het toegestaan om een deel van andermans werk over te nemen in een aankondiging, beoordeling of bespreking. In deze situatie kan men zich namelijk beroepen op het zogenaamde ‘citaatrecht’. Dit komt bijvoorbeeld voor bij een bespreking van foto’s of schilderijen. Andere uitzonderingen zijn het gebruik in het kader van een bloemlezing of de reproductie ter illustratie van onderwijs of onderzoek. Ook in deze gevallen is het echter aangewezen een bron- en naamsvermelding op te nemen.

Een werk kan ook tot het ‘openbaar domein’ behoren. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer het werk niet aan de voorwaarde van de oorspronkelijkheid en/of vormelijkheid beantwoordt. Interessant voor wie zich met historisch materiaal bezighoudt, is dat de auteursrechtelijke beschermingstermijn niet eeuwig duurt. In principe verstrijkt deze termijn 70 jaar na het overlijden van de auteur, waarna het werk in het publiek domein terechtkomt. In dat geval is het materiaal vrij te gebruiken. Houd er wel rekening mee dat er naast de auteur zelf nog ‘naburig gerechtigden’ en andere rechthebbenden betrokken zijn, zoals organisaties of personen die via erfopvolging of overdracht het auteursrecht op een werk hebben verkregen.

Van veel werk, ook op het Internet, is echter niet bekend wie de maker is. Auteursrechtelijk gezien betekent dit dat de foto of het plaatje niet mag gebruikt worden. Het is de verantwoordelijkheid van de gebruiker om van alle auteursrechthebbenden toestemming te krijgen voor gebruik van hun werk. Weet je niet wie de maker is, dan mag je het werk in principe niet publiceren. In de praktijk is het wellicht mogelijk de afbeelding of de tekst, waarvan de auteur niet te traceren valt, toch te gebruiken. Er wordt aangeraden om in dit geval alle ‘opsporingsbewijzen’ te beweren; dit zijn alle stukken die een bewijs kunnen leveren dat de nodige inspanningen werden geleverd om de rechthebbende van een bepaald werk op te sporen. Bovendien is het in zo’n geval aan te raden om een soort ‘clausule tot bekendmaking’, als het ware een oproep tot de auteur, op te nemen bij het gebruikte werk.

Tot slot willen we nog kort wijzen op een recente tendens om zogenaamde ‘open content’ te bevorderen. Hierbij worden creatieve werken vrijer beschikbaar gesteld dan bij traditioneel auteursrecht of copyright mogelijk is, zodat die werken bijvoorbeeld makkelijker gekopieerd en verspreid kunnen worden of dat anderen er verder aan kunnen werken. Zo biedt het project ‘Creative Commons’ verschillende vrije licenties aan die copyrighthouders kunnen gebruiken om bij het verspreiden van informatie problemen te voorkomen die door de huidige auteursrechtwetgeving kunnen optreden. In Vlaanderen maakt bijvoorbeeld de website www.erf-goed.be gebruik van deze mogelijkheid om het gebruik en de verspreiding van erfgoedfoto’s te stimuleren.

Natuurlijk is het onmogelijk om hier in te gaan op alle aspecten van het auteursrecht die relevant kunnen zijn voor een heemkundige kring. Een interessante bron die dieper ingaat op dit onderwerp, is het boekje Auteursrecht en erfgoed. Handleiding tot het vermijden van uitschuivers, dat in 2004 werd gepubliceerd door Culturele Biografie Vlaanderen. De pdf-versie kan je hier downloaden.

Enkele andere interessante websites zijn:

http://economie.fgov.be/nl/ondernemingen/Intellectuele_Eigendom/auteursrecht/
www.juridat.be
http://cwisdb.kuleuven.be/pisa/nl/juridisch/copyright.htm
http://www.law.kuleuven.be/cir/publications/auteursrecht
http://www.iusmentis.com
www.creativecommons.org

Print Friendly, PDF & Email
Geplaatst in FAQ.