Hoe zet ik mijn (erfgoeddag)activiteit in de kijker? Hoe bondig en boeiend communiceren?

Stel: je hebt maandenlang gewerkt aan een interessante, publieksgerichte activiteit in het kader van de Erfgoeddag. Je hebt dus nagedacht over het thema, in je collectie en/of werking gespeurd, overleg gepleegd, partners gezocht en je verhaal in een pakkende presentatie of een verrassende andere vorm gegoten. Eens de organisatorische obstakels geslecht, is het tijd om je activiteit aan de man te brengen. En daarbij hoort een communicatieplan dat àl je communicatieve acties en de bijhorende timing oplijst. Een uitermate belangrijk deel van je plan zal bestaan uit tekstmateriaal. Dat plaats je op je website, in nieuwsbrieven, in je ledentijdschrift, op de blog van je stad of gemeente, regio en op andere budgetvriendelijke promotionele kanalen.

Hieronder een aantal tips die je naar aanleiding van je inschrijving voor Erfgoeddag alvast in de praktijk kan brengen. Jammer genoeg bestaat er geen toverformule om je lezer bij de lurven te vatten en te overtuigen. Maar toch helpen deze tips je op weg om je woorden te doen dansen als een ballerina en glinsteren als een discobol.

Voor wie?

Eerst en vooral: denk na voor je begint te schrijven. De ene lezer is immers de andere niet. Stel jezelf een paar vragen: wie is je (potentiële) lezer en hoeveel weet hij/zij af van het onderwerp waarover je zo meteen gaat schrijven? Empathie (of inlevingsvermogen) kan je hierbij helpen. Maar – tip 1 – denk als een verkoper: wat zou je lezer kunnen interesseren in jouw aanbod dat hem/haar aanzet tot een bezoek (of een vraag om informatie)? Lijst je ‘verkoopsargumenten’ op: je activiteit is ab-so-luut niet te missen want …

Als je je lezer de belofte voorhoudt van een onvergetelijk bezoek moet je er wel over waken dat je je belofte ook daadwerkelijk houdt. Wees met andere woorden realistisch – en toch ook weer niet te bescheiden. Je activiteit mag best gezien worden! Goede verkopers/tekstschrijvers denken ook vooruit: ze anticiperen op de bezwaren die de lezer zou kunnen hebben. Probeer te achterhalen wat die tegenargumenten zijn – praat met je buren, collega’s, bezoekers en passanten. Aan een aantal tegenargumenten kan je vast tegemoet komen. Verweef je repliek mee in je tekst, indien het relevant is. Vervolgens ga je je verhaal vertellen.

Schrijven is spreken

Eigenlijk is er niet zo gek veel verschil tussen een promotionele tekst en een goed opgebouwd gesprek. Stel jezelf dus de vraag of er een verschil is tussen je tekst en hoe je hetzelfde zou gaan vertellen aan een onbekende. Vermijd archaïsche taal, lange aanlopen, barokke constructies en gretig aan elkaar gehaakte neven- en bijzinnen. Tip 2: beeld je je potentiële bezoeker in en vertel hem/haar je verhaal. Doe dat eventueel luidop. Je zal merken dat het je schrijftaak aanzienlijk verlicht. Denk aan je verkoopsargumenten. Maar bedenk: via je schrijftaal verklap je een lezer ook veel over jezelf en de organisatie. Stroeve of langdradige zinnen kunnen – vaak ten onrechte – bij het keuzemoment van een potentiële bezoeker van doorslaggevend belang zijn.

Zoek dus naar het juiste evenwicht tussen informeren en werven. Daarbij kan je vele taalregisters hanteren. Belangrijk is wel dat je binnen eenzelfde tekst dezelfde toon gebruikt. Te mijden zijn passiefconstructies (zinnen met worden, kunnen, zullen, mogen …), naamwoordconstructies (zoals de verzelfstandiging, de beleving …- deze vervang je best door het werkwoord uit het woord te halen en dit actief te gebruiken), ingewikkeld jargon of woorden die je taal verzwaren (zoals derhalve, wat betreft, ten aanzien van, ten behoeve, gezien …). Let ook op voor holle uitdrukkingen (bijvoorbeeld zoals iedereen weet, uitkristalliseren) en het gebruik van dooddoeners (zoals het is een fantastische tentoonstelling voor jong en oud).

Maar schrijven is ook … ordenen

Begin met het belangrijkste: waarom moet iemand precies je activiteit op Erfgoeddag bezoeken? Beloof (en maak die belofte dan ook waar) een onvergetelijk bezoek, een nieuwe kijk op je collectie, een verrassend verhaal, een primeur, iets exclusiefs, een blik achter de schermen, toegang tot … Spreek daarbij je lezer aan, stel hem/haar vragen. Dat maakt je tekst actiever en houdt je lezer bij de les. Ook hier gelden de klassieke verkoopstechnieken. Tip 3: probeer de aandacht van je lezer te vatten en wek zijn/haar belangstelling. Zorg dat de lezer antwoord vindt op zijn/haar vragen en dat hij/zij vervolgens actie onderneemt. Dat laatste kan bijvoorbeeld een vraag om bijkomende informatie zijn, een bezoekje aan je website en … op Erfgoeddag zelf een bezoek of deelname aan je activiteit. Deze ‘fasen’ wordt door marketeers ook wel afgekort tot het letterwoord AIDA: Attention (aandacht trekken), Interest (belangstelling vasthouden en/of vergroten), Desire (de wens om meer te weten of mee te doen) en ten slotte Action (actie: zet de lezer aan tot een – virtueel – bezoek).

Ben je klaar met je tekst? Lees hem dan luidop voor. Voel je ergens twijfel of een kink in de kabel? Begin dan opnieuw, door bijvoorbeeld de volgorde van de zinnen om te draaien of de eerste zin te herschrijven. Wees kritisch voor jezelf. Vraag anderen je tekst na te lezen en laat je tekst eventueel een paar dagen rusten. Wie zei ook alweer dat schrijven schrappen is? Veel succes!

Meer weten?

Lees meer concrete tips en een gebruiksvriendelijk overzicht- en oefendocument via www.faronet.be (tik in: Werkwinkel Erfgoeddag). Indien je geen toegang hebt tot internet, vraag dan een exemplaar via de Coördinatie Erfgoeddag (T. 02 213 10 81/82, F. 02 213 10 99).

Meer lezen, nuttige tips en info

  • Schrijfcursussen op maat (van Creatief Schrijven vzw, Zirkstraat 36, 2000 Antwerpen, T 03 224 40 99, F 03 233 81 33, www.creatiefschrijven.be
  • Stijlgids: zie www.schrijf.be (en klik vervolgens op ‘Stijl’ en dan op ‘Is mijn schrijfstijl uniform?’)
  • Taaltelefoon: De Taaltelefoon is de taaladviesdienst van de Vlaamse overheid. De Taaltelefoon geeft voor het Nederlands advies over spelling, woordgebruik, grammatica, uitspraak, tekstconventies zoals titulatuur en adressering, formulering en stijl. U kunt de Taaltelefoon zowel telefonisch als online raadplegen. Zie www.taaltelefoon.be of 078 15 20 25.
  • Taaladvies: www.taaladvies.net
  • Woordenlijst Nederlandse Taal – het ‘Groene Boekje’ online: www.woordenlijst.org

Deze tekst is gebaseerd op het verslag van de werkwinkel ‘Zet je activiteit in de kijker! Hoe bondig en boeiend communiceren?’ van Roel Daenen in Binnenkrant nr. 4 van 2008.

Print Friendly, PDF & Email
Geplaatst in FAQ.