Ecce Homo. De Heilig-Bloedprocessie van Meigem

Iedere maand plaatsen we een originele heemkundige activiteit ‘in de kijker’. Ook een activiteit van jouw vereniging kan in de kijker komen! We zijn op zoek naar activiteiten die origineel of vernieuwend zijn, of een voorbeeldfunctie kunnen hebben voor andere organisaties. Voldoet jouw activiteit aan die criteria? Stuur dan een verslag en een aantal foto’s naar consulenten@heemkunde-vlaanderen.be, en wie weet staat jouw activiteit volgende maand op onze website.

Deze maand zetten we het Museum van Deinze en de Leiestreek in de kijker. In het museum opende vorige week de tentoonstelling ‘Ecce Homo. De Heilig-Bloedprocessie van Meigem’. Op vraag van de Kring voor Geschiedenis en Kunst van Deinze wordt de geschiedenis van de eeuwenoude processie belicht. De expo werd verrijkt met voorbeelden uit de plastische kunsten van de late middeleeuwen tot vandaag.

De Heilig-Bloedprocessie van Meigem gaat terug op de eeuwenoude verering van een belangrijke reliek van de bebloede geselkolom, de zuil waaraan Jezus Christus zou gegeseld zijn. Van deze geselkolom – die in 1223 na de Vijfde Kruistocht werd overgebracht naar de Sint-Praxediskerk te Rome – bracht een Norbertijnermonnik in 1724 op vraag van pastoor Pieter Moortgat twee stukjes naar Meigem. Deze laatste liet hiervoor een reliekschrijn bouwen en er werd een ommegang ingesteld rond de kerk. Meigem werd een bedevaartsoord waar gebeden werd voor de genezing van allerlei bloedziekten.

De verering kende periodes van bloei en verval. Pas in de jaren dertig van de 20ste eeuw wist pastoor Pypers, ook de grondlegger van de Noveen van het Heilig-Bloed, de traditie definitief aan te zwengelen. Onder pastoor Van Zandycke werd de eerste processie in 1945 georganiseerd, toen nog eerder een bevrijdingsstoet die herinnerde aan de gruweldaden van de Duitse bezetter in Meigem en Vinkt in mei 1940. Het volgende jaar werd het een processie die uitsluitend gewijd was aan de reliek, die ook voor het eerst werd meegedragen.

Traditioneel gaat de Heilig-Bloedprocessie jaarlijks uit op de eerste zondag van juli. “Hoewel er in Vlaanderen slechts vier dergelijke evenementen overblijven, is deze processie niet het zoveelste element van folklore dat op punt staat te verdwijnen,” vertelt Wim Lammertijn, wetenschappelijk medewerker bij het Museum van Deinze en de Leiestreek. “Integendeel, het gebeuren is levendiger dan ooit en een gans dorp is elk jaar in de weer om dit belangrijk immaterieel erfgoed in stand te houden. Honderden figuranten en evenveel mensen achter de schermen zorgen voor een uniek spektakel in de straten van Meigem. Taferelen uit het Oude en Nieuwe Testament, het Lijden van Christus en de overbrenging van de reliek, worden er in uitgebeeld. Het Comité Heilig-Bloedprocessie staat ieder jaar in voor de goede organisatie. Enerzijds is de processie uitgegroeid tot een evenement waarvan de uitstraling tot ver buiten Deinze reikt, anderzijds zorgt ze op sociaal vlak voor een zeldzame samenhorigheid tussen de Meigemnaren en vormt ze een deel van hun identiteit.”

De tentoonstelling in het Museum van Deinze en de Leiestreek, op vraag van de Kring voor Geschiedenis en Kunst van Deinze, belicht de geschiedenis van de Heilig-Bloedprocessie. Belangrijke documenten en objecten, attributen uit de processie, oude foto’s en audiovisueel materiaal uit privécollecties en de verzamelingen van het Comité Heilig-Bloed en de kerk van Meigem, vertellen het volledige verhaal. Speciaal voor deze gelegenheid werd onder meer ook het barokke reliekschrijn overgebracht naar het museum. Er wordt ook een link gelegd naar de eeuwenoude Heilig-Bloedprocessie van Brugge.

“De tentoonstelling was voor het museum ook een uitgelezen kans om verder te gaan kijken dan enkel de processie zelf,” vertelt Wim. “Van de middeleeuwen tot nu is het thema van het Passieverhaal van Christus immers een aantrekkingspool geweest voor talloze kunstenaars. Elk op hun manier integreerden ze de aangrijpende symboliek van kruis, bloed, lijden… in hun werk. In deze tentoonstelling hebben we dan ook geprobeerd om kunst en traditie te verenigen. Werken van grote namen uit de kunstwereld illustreren het tijdloos karakter van het lijden van Christus als inspiratiebron.” Naast enkele polychrome sculpturen is er werk te zien van Oscar Colbrandt, Wim Delvoye, Ambrosius Francken II, Pietro Gagliardi, Agnes Maes, George Minne, Roger Raveel, Gerard Seghers, Albert Servaes, Luc Tuymans, Gustave Van de Woestyne, Jan Van Imschoot, Antoon Van Parys, Jan Vanriet, Dan Van Severen en Henri-Victor Wolvens.

Opbouw

“Het verenigen van plastische kunsten met immaterieel cultureel erfgoed in een museale tentoonstelling is niet altijd zo evident,” vertelt Wim. “We gingen eerst op zoek naar tastbaar materiaal van de processie om een expositie mee te kunnen maken. De verering in Meigem van de reliek van het Heilig Bloed sinds de 18de eeuw kende weinig continuïteit en daarvan is bijgevolg zeer weinig materiaal van historisch belang bewaard gebleven. Het barokke reliekschrijn uit 1724 vormt hierop een uitzondering en als object is het in deze expositie de belangrijkste schakel tussen kunst en folklore. Een belangrijk schilderij uit diezelfde periode kon dan weer om praktische redenen niet worden verwijderd uit de plaatselijke kerk. Ook de reliek zelf verkozen we niet te laten overbrengen. Enerzijds is de tentoonstelling geen extra verering van het kleinood, anderzijds hoort de relikwie enkel in Meigem te zijn, waar hij al bijna drie eeuwen wordt gekoesterd.”

De processie zelf ontstond pas in 1945, het archief is dus vrij jong en ook niet compleet. “Het is vooral dankzij de inspanningen van Luc Van Nevel dat een deel ervan gered is,” zegt Wim. “Vanaf 1998, als bestuurslid van het processiecomité, startte hij met een inhaalbeweging op zoek naar documenten en fotomateriaal. Hij begon ook met het aanleggen van een archief van de fotoreeksen die jaarlijks door fotografen langs het parcours of achter de schermen worden gemaakt. Samen met Stefaan De Groote zorgde hij in 2006 ook voor de samenstelling van een nummer van het tijdschrift van de heemkundige kring Het Land van Nevele, dat volledig aan Meigems Hoogdag is gewijd. Bewegende beelden zijn er in een documentaire uit 2003, in opdracht gemaakt voor het Huis van Alijn, die op schitterende wijze toont hoe het dorp Meigem zijn processie maakt en beleeft. Ook de foto’s, kostuums en objecten in de tentoonstelling worden hiermee perfect in hun context geduid.”

Voor wat de verruiming van de expositie met kunstwerken betreft, was het volgens Wim niet de bedoeling om een religieuze kunsttentoonstelling naar voor te brengen: “Dit zou immers de aandacht te veel afleiden van het uitgangspunt van de Heilig-Bloedprocessie van Meigem. Eerder willen we de expositie rond de processie erdoor versterken. De oudere werken zijn net als de processie een zuivere vorm van devotie door de eeuwen heen. Bij de moderne en hedendaagse kunstwerken is het vooral boeiend om te zien hoe de krachtige Christelijke symboliek op één of andere manier of tijdstip het oeuvre van vele kunstenaars kruist. Er was tevens enige voorzichtigheid geboden bij het combineren van de kunstwerken met de objecten uit de processie. Ze dienen immers elkaar aan te vullen en een verantwoord geheel te vormen, doch de toeschouwer moet steeds duidelijk kunnen onderscheiden wat letterlijk bij de processie hoort en wat ter verrijking is toegevoegd. De getoonde kunst is bewust van internationaal niveau en zal ook de verre bezoeker bekoren. Ook kunnen we zo het gegeven van een lokale processie presenteren als een universele activiteit van samenhorigheid, en wordt het belang van dit stukje immaterieel cultureel erfgoed terecht wat meer onderstreept.”

Met dank aan Wim Lammertijn voor het verslag en de foto’s. De tentoonstelling loopt nog tot 15 april 2012 in het Museum van Deinze en de Leiestreek. Meer info op www.museumdeinze.be.

Print Friendly, PDF & Email
Geplaatst in Activiteit in de kijker.