Boerentrots en ondernemersgeest

Landbouwers. Niet zo vaak krijgen we de kans om het verhaal van deze mensen en hun grond te horen. In ‘Boerentrots en ondernemersgeest’ gunt Evelyne Martens, tot voor kort verbonden aan het Centrum voor Agrarische Geschiedenis (CAG), ons een blik in het hoeveleven. De persoonlijke ervaringen van kleine zelfstandigen in een steeds complexere wereld worden aan de hand van 44 interviews verweven tot een kroniek van de naoorlogse land-en tuinbouw, gekaderd door enkele politieke documenten. Het boek focust op vier thema’s: de invloed van het Europese beleid, boeren als ondernemers, modernisering en opvolging. Deze thema’s waren volgens de auteur echter slechts de kapstokken die de geïnterviewden zelf gebruikten om hun verhaal aan op te hangen. Het zijn inderdaad de interviews zelf die centraal staan in dit werk.

De publicatie ‘Boerentrots en ondernemersgeest’ is allesbehalve een veralgemenende geschiedschrijving. Evelyne Martens benadrukt steeds de particuliere situaties op elke hoeve, plaatst ze in context van hun familiegeschiedenis, en confronteert tegengestelde citaten met elkaar. Zo leren we bijvoorbeeld dat Eric, Wim en Geert elk sterk verschillende beslissingen namen als reactie op het ingevoerde melkquotum. Het bedrijf van Eric was voldoende groot om een uitbreiding van de melkproductie rendabel te maken. Wim daarentegen besloot voor de meerwaarde van het product te gaan door zijn melk tot hoevekaas te verwerken, aangezien een uitbreiding in melkquotum financieel niet haalbaar was voor zijn bedrijf. Geert stelt de beslissing echter uit tot na 2013 wanneer het systeem van de quota zou moeten wegvallen. Dergelijke uiteenlopende situaties betekenen echter niet dat het boeren in een soort historisch vacuüm gebeurde. Evelyne Martens onderscheidt een macroniveau, waar de naoorlogse socio-economische en politieke ontwikkelingen een grote impact hadden op de landbouwbedrijven, en een microniveau, waar persoons- en gezinsgebonden factoren een minstens even belangrijke rol speelden in het uitstippelen van de bedrijfsvoering.

Het boek is vooral een verhaal van mensen en hun ervaringen, waaruit blijkt hoezeer het macro- en het microniveau met elkaar verweven zijn. Elke land- en tuinbouwer ervoer de vele veranderingen in hun sector sinds de Tweede Wereldoorlog zeer verschillend en maakte dan ook vaak zeer persoonlijke beslissingen. Men kan bijvoorbeeld onmogelijk stellen dat het Europese landbouwbeleid van 1962 een eenduidige uitwerking kende in Vlaanderen en ook de toenemende mechanisering en modernisering had vaak zeer persoonlijke beweegredenen. En dat heeft allemaal te maken met de boerentrots en ondernemersgeest uit de titel. De identiteitsbeleving van de geïnterviewden bleek cruciaal, velen van hen zijn trots op het ‘boer zijn’ op zich. Het runnen van een land- of tuinbouwbedrijf gaat voor hen verder dan een louter professionele bezigheid. Het belichaamt een belangrijk facet van hun identiteit.

‘Boerentrots en ondernemersgeest’ biedt ons de kans om eens in de evoluerende leefwereld van de boeren te stappen. Door de vele citaten is het werk echter niet steeds even vlot leesbaar; het is vaak moeilijk je gedachten rond de vele particuliere situaties te krijgen laat staan ze te onthouden tot het volgende hoofdstuk. Het is bovendien niet voorzien van nostalgische familiefoto’s of eender welk beeldmateriaal, waarschijnlijk om de identiteit van de geïnterviewden te beschermen, maar het had wel geholpen om in gedachten mee te gaan in het boerenleven. Deze mondelinge geschiedenis laat ons wel toe door te dringen tot de ervaringen van individuen, wat best wel een aangename maar vooral interessante leeservaring oplevert.

‘Boerentrots en ondernemersgeest. Boeren in Vlaanderen na de Tweede Wereldoorlog’, door Evelyne Martens. Uitgegeven bij Davidsfonds. Prijs €24,95. ISBN 978 90 5826 619 4.

Recensie door Tom Brughmans – oorspronkelijk gepubliceerd op archeonet.be

Print Friendly, PDF & Email
Geplaatst in Publicaties.