Wat staat er in de kast?

Kleine, lokale musea zijn vaak gezellig en hebben een specifieke, aangename sfeer. Toch kan zo’n museum ook een overhoop van veel voorwerpen in een beperkte ruimte zijn. De meest kostbare voorwerpen en de zaken die niet aangeraakt mogen worden, verdwijnen al snel in een vitrinekast. Dat is handig natuurlijk, er kan veel minder stof aan en bezoekers gaan ervan uit dat er in de vitrinekast bijzondere dingen verborgen zitten. Hun ogen glijden automatisch over het glas maar blijven ze op de ‘juiste’ zaken hangen? Dat is iets wat je met een goede inrichting kan bereiken. Hoe tover je een vitrine om zodat het belangrijkste voorwerp voldoende opvalt? Wat moet je doen om het mooiste voorwerp tot zijn volle recht te laten uitkomen? Er bestaan een aantal praktische richtlijnen en trucjes. Het is mogelijk dat je ze al kent of gebruikt zonder erbij stil te staan maar het kan nooit kwaad om ze ook opgelijst bij de hand te hebben.

1. De vitrinekast: aankopen of zelf bouwen

Het begint bij de keuze van de vitrinekast zelf. Tentoonstellingskasten zijn duur. De gepaste vitrinekast kunnen aankopen is dan ook een luxe die voor vele kleine musea niet is weggelegd. Een tussenoplossing is het overkopen van oude vitrinekasten van andere musea of van grotere tentoonstellingen. Nog een optie is het bovenhalen van je gereedschapskist en je kasten zelf maken. Als je werkt met gekregen of overgekochte vitrinekasten dan is de kans groot dat ze technisch in orde zijn en de bouwers een weloverwogen materiaalkeuze hebben gemaakt. Steek je zelf de handen uit de mouwen, dan kan de juiste keuze van het materiaal helpen om je collectie langer te bewaren.

Houten vitrinekasten geven je museum een warme uitstraling, iets waar kleine musea graag de voorkeur aan geven. Probeer daarom een houtsoort te gebruiken met een laag gehalte vrij zuur: mahonie, meranti, vuren, berk en grenen. Werk je met plaatmaterialen zoals triplex, spaanplaat of MDF dan moet je rekening houden met een uitstoot van zure dampen en fomaldehyde. Dit kan je beperken door het geheel te lakken of te verven. Laat de geverfde kast goed en lang drogen voor je er iets in plaatst want naast het evidente risico van verf die nog nat is geeft verf zelf ook een kwalijke uitstoot. Metalen kasten kennen geen uitwaseming van schadelijke stoffen. Ze moeten echter met de juiste verf geschilderd zijn omdat anders het gevaar van corrosie te groot is. Ook beschermt metaal nauwelijks tegen klimaatwisselingen terwijl hout wel een goede buffer vormt.

Het volgende waar je rekening mee moet houden is de verlichting. Regelmatig vind je vitrinekasten terug waarin lampen zijn ingebouwd of waarbij de lampen op en net boven de kast staan gemonteerd. Deze verlichting kan sfeer scheppen, een voorwerp in de kast laten opvallen en het verhoogt natuurlijk ook de zichtbaarheid. Maar ook hier zijn nadelen aan verbonden. De lampen kunnen schadelijk zijn door UV-straling en infrarode straling. Gevolg: voorwerpen bleken af en het klimaat in de kast warmt op. De keuze van je verlichting hangt daarom af van de gevoeligheid van de voorwerpen die je erin wil leggen. Haal gloeilampen of fl uorescentielampen met een uv-straling van ongeveer 75 microwatt per lumen in huis om minder UV-straling te hebben of opteer voor tl-lampen om de warmtetoename te beperken. Lampen in een vitrinekast zijn geen noodzaak!

Bij het opbouwen van een vitrinekast hoef je niet steeds van nul te beginnen. Je kan een bestaande eenvoudige kast ombouwen tot iets waar je voorwerpen in kan tentoonstellen. Soms heeft het zelfs voordelen. Een typische ladenkast kan je zo veranderen dat het een ontdekkingskast wordt: voorzie de laden van een glazen of plexi deksel en je hebt een kast waar mensen naar hartelust in kunnen snuisteren zonder dat ze schade toebrengen aan de voorwerpen. Let wel op de verankering van de voorwerpen of het vlot bewegen van de schuiven: een vastzittende lade verhindert een aangenaam museumbezoek en rammelt je collectie dooreen.

2. Het juiste voorwerp in de juiste vitrine

Door de juiste vitrinekast bij het juiste voorwerp te gebruiken, krijg je een behoorlijke meerwaarde. Zelfs al ben je voor je presentatie aangewezen op oude en niet bij elkaar passende kasten, dan nog moet je proberen in te schatten welke kast een bepaald voorwerp of groep voorwerpen het meest flatteert. Een kast op buikhoogte kan goed gebruikt worden om papier, boeken of andere zaken waar je van dichtbij naar wil kijken, tentoon te stellen. Een lange, smalle kast is perfect bruikbaar voor het onder elkaar tonen van solitaire, grotere voorwerpen. Een opstelling die je langs alle kanten kan bewonderen, stel je op in de kast met de meeste zichtbaarheid (liefst volledig uit glas). Zo zijn er tal van mogelijkheden die je door logisch na te denken, te passen en te proberen in kan zetten om van elke kast een geschikte vitrine te maken.

3. Basisvoorbeelden van vitrine-inrichting

De Stichting landelijk contact voor museumconsulenten (Nederland) zet de basisregels om een voorwerp in een vitrine te accentueren netjes op een rij:

a. Nadruk door lijn en plaats: het voorwerp in de vitrine dat je op een verhoogje of op een opvallende plaats zet, zal onmiddellijk in het oog springen.
b. Nadruk door materiaal: benadruk het mooiste of belangrijkste voorwerp met extra aankleding: zet het op een stukje stof of maak een papieren strook, plaats een plankje achter het voorwerp of gebruik een spiegel, … Zorg ervoor dat de afwerking steeds netjes gebeurt anders gaat de aandacht naar kromgetrokken papier, gerafelde stof of de ongeschilderde zaagrand van het plankje.
c. Nadruk door de kleur van het achtergrondmateriaal: door een contrasterende kleur te gebruiken, bijvoorbeeld een witte vaas tegen een donkergrijze achtergrond, kan je een voorwerp eveneens laten schitteren.
d. Nadruk door objectgrootte: één groot voorwerp tussen tal van (iets) kleinere voorwerpen trekt alle aandacht naar zich toe.
e. Nadruk door sokkelgrootte: net als de winnaars bij de Olympische spelen kan je voorwerpen op sokkels van verschillende hoogte plaatsen, op een eerste, tweede en derde plaats. Hou de sokkels eenvoudig zodat zij niet de aandacht trekken maar het voorwerp dat ze ondersteunen.
f. Nadruk door isolatie: laat één voorwerp eruit springen door het niet bij de anderen te groeperen maar het een duidelijk, al dan niet gemarkeerd, plekje voor zichzelf te geven.
g. Nadruk door objectkleur: een rood kopje tussen allemaal gele steelt onmiddellijk de show.
h. Nadruk door spotlicht: door net dat voorwerp te belichten waar je het meeste waarde aan hecht, kan je het letterlijk in de kijker zetten. Hou rekening met lichtschade zoals eerder in het artikel beschreven.

Verder geeft de stichting nog mee dat een volledig symmetrische vitrine niet aantrekkelijk is omdat mensen niet weten waar ze naar moeten kijken. Dat wil niet zeggen dat je moet streven naar een volledige chaos. Een zekere balans, gecreëerd door de bovenstaande tips, zorgen voor een kwaliteitsvolle inrichting.

4. Voorwerpen leven…

Voorwerpen leven, zoveel staat vast. Leg ze in een vitrine en gegarandeerd hebben ze een transformatie ondergaan als je na een tijdje alles nog eens nauwgezet bekijkt: een foto krult en ligt scheef, een boek is terug dichtgeplooid, een aardewerken kruikje heeft stof achtergelaten, de doek gebruikt om een accent te leggen is opgebold, … Kan je dit voorkomen? Sowieso dient een vitrinekast geregeld proper gemaakt te worden. Dit geeft je de kans om alles in de kast te fatsoeneren en het lost meteen het probleem van het stof en vuil op dat voorwerpen enthousiast kunnen verspreiden. Boeken kan je voorzichtig overspannen met een nylondraadje. Span het niet te hard aan zodat het draadje de zijkanten niet beschadigt. Toon foto’s in een transparante kader. Je hebt kantoor- en presentatiemateriaal dat hiervoor perfect bruikbaar is. Tenzij een krullende foto bijdraagt tot de sfeer van de presentatie. Kleine verankeringen (blokjes hout, kleine latjes, …), meegeschilderd in dezelfde kleur als de ondergrond van de vitrine, houden voorwerpen, boeken en papier op een hellend vlak op hun plaats. Dit blijven natuurlijk lapmiddeltjes. De beste manier om alles mooi te houden is het intensief onderhouden van het museum en de bijhorende kasten.

Het volledige artikel ‘Wat staat er in de kast? Over het inrichten van vitrines met een beperkt budget’ kun je nalezen in Binnenkrant 2010, nr.2 (pdf)

Print Friendly, PDF & Email
Geplaatst in FAQ.