Uitvoeringsbesluit cultureel erfgoed principieel goedgekeurd

Op 31 maart stelde Vlaams minister van Cultuur Sven Gatz zijn strategische visienota cultureel erfgoed voor aan de Vlaamse regering. Ook het uitvoeringsbesluit bij het Cultureel-erfgoeddecreet werd op die dag voor een eerste keer principieel goedgekeurd door de Vlaamse regering.

Deze visienota is een nieuw instrument dat opgenomen is in het nieuwe Cultureel-erfgoeddecreet van 24 februari 2017, waarmee de minister zijn strategische en beleidsaccenten vastlegt voor de ‘grote erfgoedronde’ voor cultureel-erfgoedorganisaties voor de beleidsperiode 2019-2023.

Krachtlijnen

Gatz wil daarmee inzetten op duurzaamheid en kwaliteit: ‘De hoofddoelstelling van mijn cultureel-erfgoedbeleid is duurzaam en kwaliteitsvol zorgen voor en omgaan met ons cultureel erfgoed. Zo blijft het betekenis hebben vandaag en kunnen we het ook doorgeven aan de volgende generaties.’

Vier krachtlijnen staan centraal:

  • We versterken de collecties in Vlaanderen;
  • We verbinden waar mogelijk ons roerend erfgoed (o.a. kunstwerken, manuscripten, werktuigen) en immaterieel erfgoed (o.a. tradities, gebruiken, vaardigheden, rituelen);
  • We zetten in op meer samenwerking en afstemming gericht op meer slagkracht en minder versnippering in de Vlaamse cultureel-erfgoedsector;
  • We mikken op een brede participatie en diversiteit.​

Minister Gatz wil samen met de lokale besturen en de Vlaamse Gemeenschapscommissie een gevarieerde aanwezigheid van cultureel erfgoed in Vlaanderen en Brussel waarborgen.

Cultureel-erfgoedorganisaties, van lokaal tot internationaal niveau, zijn daarbij cruciaal. Ze werken duurzaam en kwaliteitsvol vanuit een maatschappelijke verantwoordelijkheid voor het doorgeven van cultureel erfgoed. Collectiegericht denken – in de brede zin – staat centraal.

Prioritaire thema’s

Voor de dienstverlenende rollen op landelijk niveau worden in de visienota een aantal thema’s afgebakend die deze legislatuur prioritair zijn: agrarisch en industrieel erfgoed, ambachten, heemkunde en familiekunde (lokale geschiedenis en genealogie), erfgoed van alledag, onderwijserfgoed, religieus erfgoed, migratie-erfgoed, kunstenerfgoed met bijzondere aandacht voor beeldende kunstarchieven en kunstenaarsestates (nalatenschap van kunstenaars), architectuur- en vormgevingserfgoed, podiumkunsten en muzikaal erfgoed, erfgoedwerking in het digitale tijdperk, promotie van cultureel erfgoed, ondersteuning van erfgoedbibliotheken, private archieven en beeld- en databeleid voor musea.

Het KMSKA en het M HKA krijgen als Instellingen van de Vlaamse Gemeenschap met internationale ambitie, de omschrijving van cultureel-erfgoedinstelling. Dit betekent dat de lat hoog ligt: de manier waarop ze de cultureel-erfgoedwerking uitvoeren, geldt als voorbeeld voor het hele cultureel-erfgoedveld. Daarbij staan samenwerking en afstemming tussen beide en met een breed netwerk van partners van lokaal tot internationaal niveau centraal. Andere collectiebeherende cultureel-erfgoedorganisaties (musea, culturele archiefinstellingen, erfgoedbibliotheken) kunnen in hun aanvraag hun ambitie kenbaar maken om aangeduid te worden als cultureel-erfgoedinstelling.

Projectsubsidies

Met de projectsubsidies kiest minister Gatz ervoor om een dynamische cultureel-erfgoedwerking te stimuleren. Projecten met volgende inhoudelijke accenten krijgen voorrang:

  • Waardering van cultureel erfgoed
  • Participatie
  • Samenwerken met andere beleidsdomeinen
  • Opstap naar een landelijke indeling of aanduiding als cultureel-erfgoedinstelling
  • Internationale (samen)werking

Bron: Departement CJM

Geplaatst in Beleid.