Kleuters in het heemkundig museum

Iedere maand plaatsen we een originele heemkundige activiteit ‘in de kijker’. Ook een activiteit van jouw vereniging kan in de kijker komen! We zijn op zoek naar activiteiten die origineel of vernieuwend zijn, of een voorbeeldfunctie kunnen hebben voor andere organisaties. Voldoet jouw activiteit aan die criteria? Stuur dan een verslag en een aantal foto’s naar consulenten@heemkunde-vlaanderen.be, en wie weet staat jouw activiteit volgende maand op onze website.

Deze maand zetten we een geslaagd project rond erfgoeducatie in de kijker. In het kader van de opleiding ‘Erfgoed en Onderwijs’ aan de KATHO-hogeschool, ontwikkelde Kim Vanhessche een educatief project voor de kleuters van Moen (Zwevegem). Door een aanbod op maat van de kinderen te voorzien, slaagde ze erin om hun interesse op te wekken voor de historische voorwerpen in het Heemkundig Museum van Moen.

“Als laatstejaarsstudent aan de KATHO heb ik de opleiding ‘Erfgoed en Onderwijs’ gevolgd, georganiseerd door het Expertisecentrum Erfgoededucatie. Via deze opleiding kregen we inzicht in verschillende methodieken. Elke cursist van de opleiding kreeg de mogelijkheid om een case-study uit te werken,” vertelt Kim. “Ik heb ervoor gekozen mijn case-study uit te werken in het Heemkundig Museum van Moen. In dat museum maak je echt een nostalgische duik in het verleden: een klaslokaal, winkel en woonkamer zijn er helemaal nagebouwd.”

Jonge kinderen warm maken voor een heemkundig museum, lijkt op het eerste zicht onbegonnen werk. Kim stelde echter vast dat het toch mogelijk is: “Je kan kleuters spelenderwijs best wel een beginnend historisch besef bijbrengen. Bovendien kan je hen waardering en verwondering laten tonen voor voorwerpen van vroeger. Die historische objecten zien er anders uit, hoewel de functie dezelfde is gebleven. Een voorbeeldje: als mama ’s morgens de Senseo laat lopen, komt daar koffie van. Vroeger maalde men koffie in een koffiemolen, er werd water gekookt om vervolgens dat water op de gemalen koffie te gieten. Dezelfde lekker geurende koffie. Maar met voorwerpen die er anders uitzien. Hoe leg je dit uit aan kleuters? Hoe bereik je dat kleuters een begin hebben van historisch besef? En bovenal, hoe kan je kleuters lang genoeg boeien om dit uitgelegd te krijgen?”

Een goede voorbereiding

Eerst werd een inleiding gegeven in de klas, door de introductie van een handpop en een verhaaltje. De kinderen moesten raden naar het gebruik van voorwerpen. De kleuters werden echte onderzoekers met een witte jas en een vergrootglas in de hand. In kleine groepjes mochten ze spelenderwijs de koffer onderzoeken. Een oude handboor, wat zou dit zijn geweest? Kinderen suggereerden “een krik van een auto”… Een oude blaasbalg, waarvoor diende dit? De kinderen dachten aan “een fietspomp”… “Bij de start van zo’n project is het vooral belangrijk dat de kleuters zelf mogen ontdekken, exploreren…,” weet Kim. “Dat vergroot de beleving en het enthousiasme van de kleuters voor het verdere verloop van het project.” Een eerste link naar het museum was op die manier dus gemaakt. Daaarna volgde het bezoek van het klasje aan het Heemkundig Museum van Moen.

Het museumbezoek

25 jonge kinderen kunnen onmogelijk, zoals volwassenen, in groep aandachtig luisteren naar de uitleg van een gids. Daarom werd de groep kleuters opgesplitst. Eén groep werd toevertrouwd aan de begeleidende kleuterjuf. De andere groep werd begeleid door de gids, verbonden aan het museum. De juf kreeg een vooraf samengesteld pakket instructies in handen. In de handleiding werden alle praktische regelingen beschreven: hoe lang duurt de activiteit? welke beknopte uitleg geef ik mijn kleuters? welke materialen heb ik tot mijn beschikking? In dit pakket zaten ook enkele eenvoudige spelletjes. Zo was er bijvoorbeeld een fotoreeks van baby, tiener, over adolescent tot senior. De bedoeling was dat de kleuters de foto’s in een logische volgorde legden volgens leeftijd. Kim: “De onderwerpen van de spelletjes waren geënt op de eigen belevingswereld van de kleuters. Belangrijk hierbij was ook om de kleuters hun zintuigen te laten gebruiken: zien, horen, voelen, zelf dingen doen….”

De andere groep kon intussen, onder leiding van de museumgids, aan de hand van een ganzenspel de voorwerpen in drie verschillende ruimten van het museum ontdekken. Deze ruimtes waren respectievelijk ingericht als schooltje, als winkeltje en als woonkamer. Kim: “Ik koos de ruimtes die aansloten bij de leefwereld van de kleuters. Het ganzenspel was op groot formaat gemaakt. De ganzen uit hout waren zo’n 50 cm hoog, de dobbelstenen in reuzenformaat. Het spelletje diende om op een plezierige manier voorwerpen te duiden, maar was ook een manier om wat wiskundig na te denken via het spelen van het ganzenspel. De gids gaf bij de voorwerpen deskundige uitleg, weliswaar op het niveau van kinderen. De gids kreeg hiervoor uitgebreid instructies. De voorwerpen werden zorgvuldig uitgekozen om de kleuters niet te overladen. In de woonkamer werd bijvoorbeeld enkel uitleg gegeven bij de koffiemolen en de wastobbe. In het klaslokaal mochten de kleuters schrijven met een griffel en oude klasfoto’s nadoen. Door hen zelf dingen te laten doen, zal de ervaring hen veel beter bijblijven en zullen ze er ook meer bij leren.”

De opzet van het museumpakket was een sterke link te maken met de eigen leefwereld van de kleuters. Het museumbezoek kan ook beschouwd worden als ‘omgevingsonderwijs’, aangezien het deel uitmaakt van de leefomgeving van de kinderen. Het museum ligt immers naast de school en handelt over de gemeente waar de kinderen naar school gaan en/of leven.

Naverwerking in de klas

“Bij een educatief pakket is het ook belangrijk om de kinderen nadien de belevenis te laten verwerken in de klas,” weet Kim. “Als naverwerking liet ik de kinderen zelf een krant maken en een voorwerp voor de toekomst ontwerpen door oude foto’s digitaal te bewerken. Ze mochten vervolgens hun werkjes presenteren. Ook werd in de klas de eigenlijke bedoeling van de voorwerpen uit de voorbereidende les uitgelegd en gedemonstreerd.”

“Door tijdens het project verschillende werkvormen te gebruiken, wou ik ook de verschillende manieren van leren en intelligent zijn aan bod laten komen. Dat uitgangspunt is gebaseerd op de theorie van de ‘meervoudige intelligentie’, zoals beschreven door de Amerikaanse psycholoog Howard Gardner. Erfgoed werd niet alleen gebruikt als doel op zich – met als doel meer te weten te komen over erfgoed, maar ook als middel om iets anders aan te leren, zoals bijvoorbeeld wiskunde. Na afloop van het project zagen de kinderen in ieder geval in dat de voorwerpen uit hun omgeving een aanvulling of een verbetering zijn van vroegere voorwerpen maar functioneel hetzelfde betekenen,” besluit Kim tevreden.

Met dank aan Kim Vanhessche voor het verslag en de foto’s.

Website: Expertisecentrum Erfgoededucatie KATHO

Print Friendly, PDF & Email
Geplaatst in Activiteit in de kijker.